Leestijd: 11 minuten

Eiland van de stugge schoonheid

Zonnebakken op een stil zandstrandje in een beschutte baai of smikkelen van een spartelvers visje aan een vrolijke vissershaven vol kleurige bootjes kan prima. Maar dan eropuit, de paden op en de bergen in, want nergens is de natuur zo oogstrelend knoestig als op Corsica.

Île de Beauté wordt Corsica steevast genoemd. Kan wel wezen, maar dat eiland van de schoonheid komt met een stevig ruig randje. Corsica staat bol van de pittoreske vissersdorpen, stille strandjes in beschutte baaien en lieflijke valleien met knus kabbelende bergbeekjes, maar beschikt ook over misschien wel de meest meeslepende natuur van Europa: ruige rotskust met woest beukende golven en grillige grotten, duizelingwekkende kloven, eeuwenoude oerbossen en honderd bergtoppen van meer dan tweeduizend meter met eeuwige sneeuw.

Geen mediterraan eiland is zó gevarieerd. Ruim eenderde van Corsica is beschermd natuurreservaat – daar wonen allerlei bedreigde bomen, planten en beestjes die elders allang uitgestorven zijn. Een natuurparadijs. Eén probleem is er maar: de Corsicaanse natuur is schier onbedwingbaar.

Wandelen doe je met stevige schoenen, lange broek en de EHBO-doos altijd onder handbereik, want de bosjes zijn borstelig en stekelig, de paadjes die langs diepe ravijnen leiden zijn akelig smal, zon en hitte zijn meedogenloos of er waait juist een stevige storm en een mediterrane plensbui zorgt zomaar voor een glibber- of glijpartij. Tussen al die pieken en dalen rol je van het ene in het andere microklimaat, en binnen een mum van tijd is je oriëntatievermogen de kluts kwijt.

Stil schiereiland

Op Cap Corse valt dat allemaal best mee, maar voor de zekerheid charteren we toch een gids. Louis van Objectif Nature pikt ons op in Bastia, ooit het fiere fort van de Genuezen, nu een verbazingwekkend bolwerk van vergane glorie. Over de kronkelende corniche die in andere tijden werd aangelegd door Napoleon III, rijden we noordwaarts, dwars door vissersdorpjes als Erbalunga en Porticciolo, die zo op een ansicht kunnen en waar de bewoners niets anders te doen hebben dan niksdoen.

Schiereiland Cap Corse meet amper veertig bij tien kilometer, maar heeft genoeg moois te bieden om je een week zoet te houden, zoals middeleeuwse kerken en kloosters en kastelen, bergdorpjes die parmantig balanceren op een rotspunt en wijngaarden op de hellingen van de Serra, de bergkam die over het hele schiereiland loopt met toppen tot ruim 1300 meter. Gek genoeg komt hier geen kip; de meeste toeristen vind je aan de overkant van het eiland, in het plezante vakantiedorp Île-Rousse en in Calvi met z’n fiere citadel.

Miezert het, zoals vandaag, dan is het helemaal uitgestorven. Op de kustweg naar onze bestemming Macinaggio komen we precies nul andere weggebruikers tegen. Maar goed ook, want de weg is hooguit anderhalfbaans en slingert er lustig op los langs de grillige kust. Aan muurtjes of vangrails langs metersdiepe afgronden doen ze hier niet; een plotseling opdoemende tegenligger betekent een wisse dood. Niettemin kachelt Louis voort met een vrolijk vaartje.

Plompe torens

In een vloek en een zucht staan we aan de afgelegen Baie de Tamarone, het wonderschone vertrekpunt van de Sentier des Douaniers. Dat pad waarlangs in vroeger tijden de Genuezen op de loer lagen voor Moorse piraten – wat ook al die ruïnes van plompe uitkijktorens verklaart – is nu getransformeerd tot gemarkeerde wandelroute. Pal aan het strand staat een paillote, een bouwvallige barak met bar en barbecue, waar het bij mooi weer een gezellige boel is. Nu is er niemand, maar de deur is open en binnen is het droog.

Louis tovert een boodschappentas tevoorschijn, want op pad met een lege maag, dat gaat niet. Et voilà, een picknicktafel vol Corsicaanse delicatessen: knapperverse stokbroodjes, handgerookte rauwe ham, geurige droge worstjes en smakelijke stinkkaasjes, alles weg te spoelen met een fles lokale rosé – op Corsica worden fijne wijnen gemaakt, maar in Nederland zie je die niet omdat Franse toeristen iedere zomer met zichtbaar plezier de hele voorraad komen opdrinken. Afijn, kost wat, zo’n natuurgids, maar dan heb je ook wat. Om te beginnen bijvoorbeeld een bolle buik.

Op pad voor de eerste etappe van de Sentier des Douaniers door het Capandula-reservaat. Meteen wordt duidelijk dat dit de kruidentuin van Corsica is; behalve maquisstruiken, die je ongeveer overal op het eiland tegenkomt, groeien en bloeien hier ook lavendel, laurier, mirte en oregano in het wild – een geurige boel.

Mooiste strandjes

De Îles Finocchiarola vormen de volgende attractie. De drie ‘venkeleilanden’ zijn onbewoond, rotsig en piepklein, toch vormen ze samen hun eigen beschermde natuurreservaat én hebben ze hun eigen microklimaat. Aanmeren is ’s zomers streng verboden, want dan broeden hier drie bijzonder bedreigde watervogels; de geelpootmeeuw, audouinsmeeuw en kuifaalscholver, plus de duinpieper, de Sardijnse en Provençaalse grasmus en de kleine zwartkop. Een beetje vogelaar haalt hier z’n hart op – maar nu even niet.

Van de bijna honderd uitkijktorens die de Genuezen achterlieten op Corsica, is de reusachtige Tour de Maria met stip de mooiste. Drie verdiepingen hoog en theatraal in tweeën geklieft, balanceert de toren op z’n eigen eilandje in de zee, vijfhonderd jaar oud en al. Een paar passen verderop liggen in een beschutte baai twee van de mooiste en stilste strandjes van Corsica, Cala Genovese en Cala Francese, maar het is nou niet bepaald weer om te zonnebakken.

Sterker nog: de hemel barst open. Mooi moment om rechtsomkeert te maken en de alternatieve, kortere route te kiezen. Gewapend met paraplu’s en poncho’s glibberen en glijden we, via een duizend jaar oud kapelletje en dwars door de kruidentuin van Corsica, naar waar we vandaan kwamen. Terug in de paillote trekken we snel nog een fles Corsicaanse rosé open. De natuur is prachtig, maar nu eerst opdrogen.

Luie minicruise

In een verkiezing van Corsica’s mooiste natuurlijke wereldwonderen zou de eerste plaats gegarandeerd voor Scandola zijn. Dit natuurreservaat aan de wilde westkust staat op de Werelderfgoedlijst van de Unesco en is zó bijzonder dat ook hier niemand mag komen – het gebied is hermetisch afgegrendeld en wordt bewaakt door bewapende rangers. Elk nadeel heeft z’n voordeel: Scandola bekijken kan alleen vanaf zee op een minicruise vanuit Calvi of Porto. Natuurliefhebbers kunnen voor de verandering lekker lui achterover leunen.

De bizarre rotsformaties ontstonden 250 miljoen jaar geleden door vulkanische activiteit en variëren in kleur van feloranje tot roestbruin, een prachtcontrast met het frisse groen van de maquisstruiken en het diepe blauw van de zee. Hier groeien de zeenarcis en het zilverkruiskruid, broeden visarenden en slechtvalken, en in zee spartelen de gouden wrakbaars, tandbrasem en ombervis – allemaal alweer bijzonder en bedreigd.

Even verderop staan ook Les Calanches de Piana genoteerd op Unesco’s Werelderfgoedlijst. Guy de Maupassant omschreef ze ooit als “een volk van gedrochten, een menagerie van nachtmerries, versteend door de wil van een doorgedraaide God.” De rode en purperen rotspartijen die tot driehonderd meter hoogte loodrecht uit zee oprijzen, hebben de bizarste vormen, waarin je zomaar een hondenkop, beer, schildpad, monnik of de moorkop van de Corsicaanse vlag herkent. Da’s pas natuurschoon.

Dolfijne dolfijnen

Het woeste binnenland hebben we nog tegoed en daar kunnen we kiezen uit meer natuurparken, oerbossen en bergketens, de een nog mooier én ontoegankelijker dan de ander. Flink wat inspanning voor de boeg, maar da’s voor later. Voorlopig doet de kapitein van onze minicruise het noeste navigeerwerk en genieten wij comfortabel van Corsica’s mooiste natuurfenomenen.

Precies op tijd breekt het zonnetje door, en dan is er ineens commotie: een complete school dolfijnen komt gezellig een stukje met ons meezwemmen. Geen diersoort op aarde te bedenken met een toepasselijkere naam; een ontmoeting met dolfijnen is echt dol-fijn. Oh en ah roepen de passagiers, en we zakken nog eens lekker lui onderuit, een ijskoud Corsicaans biertje in de hand. Natuurkijken op Corsica is heus niet altijd afzien. 

Corsica’s 7 Natuurwonderen
1. Scandola
La Réserve Naturelle de Scandola staat op de Werelderfgoedlijst van de Unesco als een van ’s werelds belangwekkendste stukjes natuur – zo bijzonder zelfs dat niemand er mag komen. Boottochtjes vertrekken vanuit Calvi en Porto. Sommige daarvan maken ook een tussenstop in Girolata, het belachelijk pittoreske en laatste écht afgelegen gehucht van Corsica, dat vijftien inwoners telt en over land alleen te voet bereikbaar is – in vier uur. Het bonusmateriaal is ook niet mis: tijdens zo’n boottochtje zie je zo goed als gegarandeerd zeehonden en dolfijnen spartelen.
2. Calanches
Les Calanches de Piana staan ook al genoteerd op de Werelderfgoedlijst, maar dit park is wél toegankelijk en per auto bereikbaar. Door het park kronkelen puike wandelroutes – informatie bij de VVV in Piana (een van Les Plus Beaux Villages de France en dus ook een bezoek waard) en bij Les Roches Bleues, een café met fijn terras in het park en het startpunt voor verschillende wandelingen.
3. Capandula
La Réserve Naturelle de la Capandula op het noordelijkste puntje van Cap Corse, verken je via de Sentier des Douaniers. Voor de hele route tot Centuri-Port trek je bij voorkeur twee of drie dagen uit, de kortere rondwandeling doe je in drie uur. Een plattegrond met routebeschrijving is gratis verkrijgbaar bij de VVV van Macinaggio.
4. Aïtone
Le Forêt d’Aïtone is met stip het mooiste bos van Corsica. Op tien vierkante kilometer tjokvol Corsicaanse dennen, tot vijfhonderd jaar oud en vijftig meter hoog, wonen wilde zwijnen, hermelijnen en vossen, en zweven adelaars, sperwers en haviken. Met meer geluk zie je ook de Corsicaanse moeflon, een wild schaap met kunstig gekrulde hoorns, of de Corsicaanse boomklever, een parmantig wit vogeltje met hoofdpijn, dat z’n nest alleen wenst uit te hakken in minstens driehonderd jaar oude bomen. Beide soorten zijn endemisch, en leven dus alleen hier en nergens anders ter wereld.
5. Lavezzi
Les Îles de Lavezzi zijn een weergaloze archipel van decoratief geërodeerde granieten rotseilandjes die geen gek figuur zouden slaan in de Seychellen. Hoofdeiland Lavezzi is een beschermd reservaat vol wilde bloemen, zoals de gele hoornpapaver, witte zeenarcis en kleurig vetkruid. Vrijelijk over het eiland ronddwalen is er niet bij, maar via afgebakende wandelpaden zijn een paar prachtstrandjes bereikbaar. Gelukkig maar, want dit is ook de mooiste duik- en snorkelplek van Corsica – onder water ontmoet je murenen, zonnevissen, schorpioenvissen en lipvissen in alle kleuren van de regenboog.
6. Agriates
De Désert des Agriates is een barre en boze vlakte waar alleen de taaiste flora en fauna weten te overleven; stekelig struikgewas, prikkelige cactussen, sissende slangetjes en fladderende vlinders in schutkleuren. Zoals de naam doet vermoeden, was juist deze lege vlakte ooit een van de vruchtbaarste stukjes Corsica. Bosbranden en bodemerosie maakten daar korte metten mee, en nu is het een surrealistisch maanlandschap.
7. Bavella
De Route de Bavella is de meest dramatische autouroute van Corsica. Eindpunt Col de Bavella op 1218 meter is niet de hoogste, maar wel de beroemdste bergpas, dankzij het uitzicht op de Aiguilles de Bavella, een trits spitse bergtoppen die als buitenproportionele haaientanden de hemel bestormen – Edward Lear vereeuwigde dit mooiste bergmassief van Corsica in zijn etsen.
Corsica Praktisch
Hoe kom je er?
Transavia vliegt tot begin oktober wekelijks van Amsterdam naar Calvi, retour vanaf € 292 all-in, www.transavia.com. Compensatie van de CO2-uitstoot kost € 7,09, zie www.greenseat.nl. Uw eigen auto overvaren kan vanuit Nice met Corsica Ferries, retour voor auto en twee volwassenen vanaf € 220 all-in, www.corsicaferries.com.
Lokaal vervoer
Autoverhuurbedrijven zijn er volop; reken voor een compacte auto voor een week op ca. € 300. Tussen Ajaccio, Corte, Bastia, Île-Rousse en Calvi rijden boemeltreinen, zie www.ter-sncf.com/corse. Andere plaatsen zijn bereikbaar per bus; zie www.corsicabus.org.
Natuur
Alle natuurreservaten op Corsica vallen onder het Parc Naturel Régional de la Corse, dat ruim eenderde van het eiland beslaat; zie www.parc-naturel-corse.com. Voor groepsexcursies of een privégids kun je terecht bij talloze particuliere bedrijfjes – wij waren zeer tevreden over de kennis en kunde van Objectif Nature, www.objectif-nature-corse.com.
Reisgidsen
De beste reisgids is de Engelstalige, ruim 500 pagina’s dikke Rough Guide to Corsica, € 17,99 bij Bol.com. In het Nederlands is er Michelins Groene Gids Corsica voor € 17,95.
Informatie
Voor vertrek: Maison de la France, tel. 0900-1122332 (50 cpm), www.franceguide.com/nl. Ter plekke: VVV’s in alle grotere plaatsen, www.visit-corsica.com.
Oorspronkelijk gepubliceerd in:

Gratis nieuwsbrief
Wil jij mijn reisreportages gratis in je mailbox? Ik stuur je graag eens per kwartaal mijn nieuwsbrief.

error: Het kopiëren van dit artikel is niet toegestaan, sorry!