Leestijd: 10 minuten

Eastside Story

Wat, u kent Oost-Londen alleen van Eastenders? Dan is er goed nieuws: de deprimerende soapfictie lijkt in niets op de frisse en fruitige werkelijkheid. Welkom in Spitalfields, Londens hipste buurt.

City folk, artistiekelingen, Bengalen en nouveaux riches wurmen zich door opgeknapte Dickensiaanse straatjes van hippe pub naar chique club. Het ziet op zaterdagavond in Spitalfields zwart van de mensen. Een beeldhouwer beitelt de naam van een nieuw restaurant in een gevel, een paar deuren verderop is net een nieuwbakken loungebar klaar. Blonde babes in zwarte Gucci-jurkjes nippen er koket aan hun cocktails. De Londense incrowd weet het allang: de postcodes E1 en E2 vormen het nieuwe epicentrum van de avant-garde. En dit is nog maar het begin.

In de tijd van koningin Victoria was dit de goot. Jack the Ripper dronk zijn laffe en kraagloze ale in de vuige Ten Bells Pub voordat hij eropuit trok om vijf lokale lichtekooien af te slachten. Twee jaar geleden was diezelfde Ten Bells nog een smerige stripteasetent. Maar ineens kwamen er hippe galeries, winkels en restaurants oostwaarts, gevolgd door publiek van een ander allooi. De kroegbaas pulkte de spiegelfolie van de ramen en parkeerde een dj in zijn monumentale pub. Zijn nieuwe stamgasten bestellen finger food en drinken champagne met een rietje.

De verhipping van Spitalfields voltrekt zich in ijltempo. In een oude koekjesfabriek werken nu journalisten en reclamemensen en in een voormalig theepakhuis kwamen galeries en ateliers. Zelfs uitgaansbijbel Time Out heeft moeite om het tempo van de veranderingen bij te benen. In amper twee jaar veranderde het oordeel van ‘het arme broertje van de City’ in ‘het Oosten is het nieuwe Westen!’ En als Time Out het zegt, dan is het zo.

De toeristen staan dus in drommen voor de deur. Nou, nee. Want zelfs als ze via Stansted arriveren op treinstation Liverpool Street in Spitalfields, pakken ze de eerste de beste metro naar de Big Ben. Het West End is de geijkte toeristenbestemming en het East End worstelt met een imagoprobleem: de naam roept deprimerende associaties op met het door dood en verderf geteisterde stelletje asocialen uit de levenslanglopende BBC-soap Eastenders. Daar wilde de lokale VVV vanaf en dus trok men de knip voor een rebranding. Het East End heet voortaan de Eastside.

En dus mag een Amsterdamse vriend zich nu ook Eastsider noemen. Ralph (27) werkt in de City en bewoont een luxueus appartement in Spitalfields. Hij neemt mij mee naar zijn favoriete plek: The Drunken Monkey, een bordeelrode lounge vol Chinese lantaarns. Op de kaart staan dim sum, gestoomde, gebakken of gefrituurde Chinese hapjes met vis, vlees, kip of groente. We bestellen een karrenvracht krabknoedels, pekingeend, inktvissliertjes, garnalen en ribbetjes; allemaal zo lekker dat we onze stokjes erbij aflikken. Aan het einde van de rit zijn we 50 pond kwijt – in Londen een prikkie voor een bolle buik.

Het kan ook anders. Restaurant Les Trois Garçons wordt alom bejubeld – niet vanwege de weinig spectaculaire Franse kaart, maar om het eclectische interieur dat balanceert tussen kunst en kitsch. De gerestaureerde Victoriaanse pub is volgestouwd met kostbare Murano-kroonluchters en opgezette dieren. Aan het plafond bungelt een handtassenverzameling, afkomstig van een illustere steenrijke dame, net als de collectie flonkerende colliers aan de muur. Vreselijk over the top, maar ook echte eye candy. De luidruchtige gasten zwemmen in het nieuwe geld, en onze gepeperde rekening vertelt waarom: samen zijn we zomaar 120 pond armer. De after dinner drinks bij Loungelover om de hoek kunnen er dan nog wel bij. De cocktails doen hier negen pond per stuk. Dat is dertig oude Hollandse guldens voor een opgesmukt sapje.

London on a budget; da’s dan ook een contradictio in terminis. Of niet? Not quite. De slordige honderd curryrestaurants op Brick Lane variëren van stokoud tot retecool, maar zijn allemaal spotgoedkoop. Bij de enige Pakistaan in de straat, Sweet & Spicy, kost de today’s special met een appelsapje een schamele 5 pond 10. De enorme hap aangeklede rijst met pittig vlees smaakt beter dan het peperdure avondmaal van gisteren. En het decor is net zo hilarisch: een tl-verlichte afgeragde kantine, waar de muren volhangen met vergeelde afbeeldingen van bijna blote worstelaars en hun gezellig dikke harige buiken. Alsof ze willen zeggen: ergens anders eet je reuze modieus, maar van ons voer word je gezond en groot en stoer en sterk.

Sommige topattracties in Spitalfields gaan schuil achter een anonieme gevel in een onbeduidende achterafstraat. Zoals het zo nu en dan te bezichtigen levenswerk van de in 1999 overleden kunstenaar Dennis Severs. In drie decennia veranderde hij zijn eigen 18e-eeuwse woonhuis in een uniek driedimensionaal schilderij, waar je op reis door de tijd gaat. De kamers zijn aangekleed in stijlen uit de vroege 18e eeuw tot het einde van de Victoriaanse tijd, van de deftige salon van een welgestelde hugenotenfamilie tot de grimmige zolder van Ebenezer Scrooge. De bewoners lijken zich nét uit de voeten te hebben gemaakt: de haard brandt en op tafel staan half leeggedronken wijnglazen.

Severs, de schepper van het huismuseum, smulde van Spitalfields’ turbulente geschiedenis. In de roerige Elizabethaanse tijd, vier eeuwen geleden, was Spittle Fields – de spuugvelden – een bloedige duelleerplaats. Koning Charles gaf in 1638 toestemming om hier vlees, pluimvee en knollen te verkopen; het begin van de huidige reputatie als megamarktplaats. Later was de buurt een toevluchtsoord voor hugenoten (18e eeuw), Oost-Europese joden (19e eeuw) en Bengalen (20e eeuw). Het gebedshuis in Brick Lane paste zich door de eeuwen heen moeiteloos aan: gebouwd als hugenotenkerk, later synagoge en nu moskee.

De nieuwste extreme make-over van Spitalfields lijkt de succesvolste. Maar niet alle veranderingen zijn geslaagd. Toen in 1999 vanwege de slechte bereikbaarheid de groenteboeren vertrokken uit de Old Spitalfields Market, ging de sloopkogel ertegenaan. In no time maakte de helft van de hal plaats voor kantoorkolossen. Ook de rest zou tegen de grond gaan, maar nog net op tijd kwam Londen in opstand. De overgebleven helft van de historische hal uit 1683 (!) is nu een populaire markt met lokaal design, alternatieve mode, biologische etenswaren, kunst en kitsch. Vooral de zondag is druk: dan staan er 250 kraampjes, waar ook Madonna en Kate Moss hun inkopen deden.

De Spitalfields-markt is de hipste markt van het oosten, maar de beroemdste is de Petticoat Lane Market. Het is de enige toeristentrekker, hoewel niemand goed snapt waarom. Aan de handelswaar – kleding en schoenen uit het Bristol-genre – kan het niet liggen. Nee, als je ‘s zondags toch vroeg op moet, dan liever voor de bloemenmarkt op Columbia Road. Hier slaat half Londen groots in. Als het winkelend publiek met armen vol boeketten, hibiscussen en palmbomen neerploft op de stoep van The Royal Oak Pub om bij te komen met een Spa’tje, is binnen het feest van de voorgaande nacht nog in full swing. Om twee uur ‘s middags feesten slapeloze clubbers met rooddoorlopen ogen er nog door op beukende house – een prachtcontrast met de lieflijke bloemenmarkt buiten.

De Londenaren staan niet bekend om hun verfijnde terrassencultuur. Maar in het urbane oosten is dat anders. De voormalige Truman-brouwerij, halverwege Brick Lane, is getransformeerd tot één groot terras. De Vibe Bar heeft een gros picknickbanken geparkeerd achter het oorspronkelijke gietijzeren hek van de brouwerij en ook in de binnentuin van 93 Feet East is het een drukte van jewelste. En als het regent, kun je er de galerie induiken of shoppen bij winkels met funky namen als Junky Styling en Eat My Handbag Bitch.

Niet iedereen is blij met de gentrification of versjieking van Spitalfields. De pioniers klagen: ‘I’m moving out, because it’s become too Starbucksy.’ Want als koffiewinkelketen Starbucks ergens neerstrijkt, is dat het teken voor alternatievelingen en artistiekelingen dat de buurt te mainstream naar hun zin is. Hier zijn er inmiddels tien Starbucksen. Maar de 25-jarige blonde Claudia, business manager bij een telecombedrijf, denkt er anders over. “Ik heb een prachtig appartement in de Docklands en alles bij de hand, maar het is te gelikt en zielloos. Deze buurt heeft karakter en daarom ben ik hier op huizenjacht. Ik heb net gekeken naar een appartement in een verbouwd Victoriaans schoolgebouw. Prachtig! En het kost maar 275 duizend pond.”

Hotelreuzen als Sofitel en Hilton hebben Spitalfields nog niet ontdekt, maar het splinternieuwe designhotel Saint Gregory neemt alvast een voorschot. Conciërge en receptioniste kijken verveeld om zich heen, want het loopt nog niet storm: in de eerste anderhalve week waren maar drie van de tweehonderd kamers bezet. Maar dat komt goed, weet de hotelmanager, want het hotel is neergezet op de groei. “In Spitalfields gaat het gebeuren, da’s zo klaar als een klontje.” 

Hip Top 3
1 The Drunken Monkey
In een bordeelrood Oriëntaals decor is het hier dim sum happen waar je je stokjes bij aflikt. Vriendelijke bediening en een prima drankenlijst met avontuurlijke cocktails voor redelijke prijzen.
2 Loungelover
Op de keper beschouwd is deze kolossale cocktaillounge hipper dan de Monkey, maar het sfeertje is opgefokt en de prijzen zijn te hoog. Toch doen: gniffelen om de als elfjes uitgedoste deurmeisjes en het fabuleuze decor bewonderen.
3 Old Truman Brewery
Met het zonnetje op je bolletje kun je hier de hele dag rondhangen. Bestel een salade en een smoothie bij Café 1001, barbecue mee bij The Vibe Bar, duik de binnentuin van 93 Feet East in en pak daar een filmpje of concert mee.
Slapen in Spitalfields
Designgoeroe Terence Conran was er als de kippen bij: in 1998 kocht hij het leegstaande spoorweghotel naast station Liverpool Street. Zeventig miljoen pond later was het een van de beste boetiekhotels ter wereld. Het Great Eastern Hotel heeft een champagnebar, vier restaurants, een brasserie en 267 gelikte kamers en suites. Het prijskaartje is 300 pond per nacht, maar ‘s weekends kun je er al voor 140 pond terecht (exclusief ontbijt). Een comfortabel reuzenbed, donzige badjassen en pantoffels en keus uit de ruime collectie cd’s en dvd’s zijn bij de prijs inbegrepen. Aan een verblijf in het Great Eastern kleeft één gevaar: je wilt je kamer niet meer uit. Goedkoper zijn de futloze formulehotels van Holiday Inn (65 pond) en Travelodge (65 pond). Het City Hotel kost 150 pond (exclusief ontbijt). Het fonkelnieuwe designhotel Saint Gregory rekent normaal 200 pond en zakt in het weekend naar 120 pond. Maar, zo benadrukte de conciërge: ‘Everything is negotiable‘.
Spitalfields Praktisch
Hoe kom je er?
Met easyJet voor zo’n € 50 naar Londen-Stansted (retour all-in). Daar vertrekt de Stansted Express naar Liverpool Street Station (enkel £ 13,50, open retour £ 24). Ter plaatse is alles te belopen.
Reisgidsen
In Londen is Time Out dé expert. De gids Time Out London verschijnt jaarlijks (€ 17,80), net zoals de aparte gidsen Pubs & Bars, Eating & Drinking en Shopping (£ 8,99 bij WH Smith). In het wekelijkse Time Out London-magazine (£ 2,35) staat de complete cultuur- en uitgaansagenda.
Informatie
VisitBritain, 020-6890002, www.visitbritain.org 
Websites
www.timeout.com/london
www.visiteastlondon.co.uk
www.towerhamlets.gov.uk
www.spitalfields.org.uk
www.shoreditchmap.co.uk
www.eastlondonmarkets.org.uk
www.oldspitalfieldsmarket.com
www.visitbricklane.com
www.bricklanerestaurants.com
www.trumanbrewery.com
Oorspronkelijk gepubliceerd in:

Gratis nieuwsbrief
Wil jij mijn reisreportages gratis in je mailbox? Ik stuur je graag eens per kwartaal mijn nieuwsbrief.

error: Het kopiëren van dit artikel is niet toegestaan, sorry!