Leestijd: 8 minuten

Per expres door Willem Tell-land

Van de houten sprookjesbruggen van Luzern via torenhoge alpentoppen naar het zonnige zuiden: Sander Groen reist met de Wilhelm Tell Express van Duitstalige druilerigheid per boot en trein naar Italiaanse dolce vita.

“Het regent tenminste niet,” zegt de montere serveerster als ze me buiten op het achterdek mijn Milchkaffee brengt. Ze heeft de koffie nog niet neergezet of het begint te spetteren. Boven het smaragdgroene Vierwoudstrekenmeer schijnt de zon niet altijd, zo ook nu niet. Het uitzicht op de grazige weiden vol herkauwende koeien met klingelende koeienbellen en pittoreske dorpen met glimmend koperen kerktorenspitsen is grijs en grauw en de torenhoge toppen van de Pilatus en de Rigi verschuilen zich in de wolken.

De ruime buitendekken van de historische raderstoomboot Uri zijn uitgestorven. Binnen is het des te knusser; in het eersteklas-restaurant wordt gesmuld van streekgerechten als een ‘Watertorenpasteitje’ uit Luzern, waar we vandaan komen, of ravioli met ricotta uit Ticino, waar we naartoe gaan. Benedendeks verzamelt het publiek zich rond de opengewerkte, glimmend opgepoetste en woest pompende vuurrode stoommachine uit 1901. Pal ernaast legt een hoogbejaard groepje onverstoorbaar een kaartje. Kleine kinderen kijken met hun neuzen tegen de raampjes ademloos naar het water dat van de scheppende schoepenraderen af spat.

De kadans van de door het zacht ruisende water duwende schoepen werkt rustgevend. Bij een Urbräu-biertje zie ik in de mystieke mist oude luxehotels voorbijglijden met nostalgische namen als Hôtel du Lac, Bellevue en Beau Rivage. De kapitein trekt langdurig aan de stoomfluit. “Nächster Halt: Treib. Umsteigen zum Seelisberg.” Om de haverklap wordt er aangemeerd bij een pittoresk bootstationnetje, waar een postbus, kabelbaan of bergtreintje zorgt voor het verdere vervoer naar bergdorp, wandelpad of bergtop. Niet alleen binnen, ook buiten lijkt de tijd al honderd jaar stil te staan.

Het grote geslinger

De Wilhelm Tell Express is een van de Grote Panoramaroutes. Anders dan de Glacier Express, Golden Pass of Bernina Express is dit niet zomaar een mooie treinreis, maar een combinatie van boot en trein: vanuit Luzern in centraal Zwitserland opstomen over het Vierwoudstrekenmeer en dan per spoor over de alpen, dwars dóór het Gotthardmassief naar het Italiaanstalige Ticino, met als eindpunt naar keuze Locarno of Lugano – een tamelijk epische trip. Inschepen, achterover leunen en genieten maar.

Drie uur duurt de stoomboottocht en waar het meer ophoudt, vertrekt de trein voor nog twee uur panoramische reispret. Vanuit Flüelen gaat het door het dal van de Reuss immer gerade aus en in volle vaart, maar dat is maar even. Voorbij Erstfeld begint het grote geslinger; de 128 jaar oude Gotthardbahn is een van Europa’s bochtigste spoorlijnen. Binnen dertig kilometer wordt via bruggen, lussen en binnenbergse keertunnels ruim zeshonderd meter aan hoogte gewonnen. Het stralend witte kerkje van Wassen komt drie keer voorbij; eerst zie ik ’m aan de rechterkant van onderen, dan opnieuw rechts maar ditmaal op ooghoogte en tot slot links van bovenaf.

Het huzarenstuk van de spoorlijn, de Gotthardtunnel, volgt direct daarna. Alleen is er weinig van te zien; vijftien kilometer lang gaat het dwars door het Gotthardmassief en de trein rijdt twaalf minuten lang door het donker. Tien jaar werd er aan de tunnel gewerkt door ruim vijfduizend arbeiders, waarvan er 177 omkwamen door ongelukken met werktreinen, vallende rotsblokken en dynamiet. Mijn medepassagiers zijn niet onder de indruk en benutten het gebrek aan uitzicht om een tijdschrift te lezen, nagels te vijlen, een appeltje te schillen of een dutje te doen.

Buon giorno Ticino

Prossima fermata: Airolo,” klinkt het als we de tunnel uitrijden. Werden de haltes eerder nog omgeroepen in het Duits, Frans en Engels, nu gebeurt dat in maar één taal, en wel in klinkend Italiaans. Mijn ogen moeten even wennen aan het daglicht. De verwarming kan uit en de zonnebril op, want we zijn in Ticino, het Italiaanstalige kanton in het warme zuiden van Zwitserland, waar de palmbomen wuiven en de zon altijd schijnt – een welkome afwisseling na de eerdere druilerigheid. Een Britse toerist is verrukt: “Look, it’s a whole different world!

Andere passagiers worden na de Gotthardtunnel niet meer wakker. Zonde, want zo vlot als de trein vóór de ingang omhoog klom, zo rap duikelen we nu de diepte in. Dat gaat ook nu weer gepaard met bruggen en desoriënterende keertunnels en de hoge panoramaramen komen goed van pas; het uitzicht op het mediterraan aandoende heuvellandschap van kastanjes en vijgen, klaterende watervallen en groene wijngaarden verplaatst zich keer op keer van links naar rechts.

In Bellinzona moet worden gekozen, want de Wilhelm Tell Express heeft een dubbele eindbestemming: overstappen voor het Meer van Lugano of zitten blijven voor het Lago Maggiore. Ik doe het anders en stap uit, want anders vang ik vanuit de trein van Bellinzona’s drie beroemde burchten maar een glimp op. Locarno en Lugano komen later; beide zonovergoten steden, met elk hun eigen meer, zijn hier maar een kort treinritje vandaan. Slimme keus – voor hetzelfde geld incasseer ik zo een dubbele dosis dolce vita

De legende van Willem Tell
Rond de Urnersee, het zuidelijke deel van het Vierwoudstrekenmeer, ligt Willem Tell-land. Die Robin Hood van Zwitserland is dé nationale volksheld. In Altdorf zou het in 1307 zijn gebeurd: de kruisboogschutter weigerde de hoed van de heersende Habsburger te groeten, die hem daarop beval een pijl te schieten door een appel op het hoofd van zijn zoontje. Tell werd niettemin gevangen genomen, maar tijdens de boottocht naar de gevangenis brak er noodweer uit en wist hij te ontsnappen.
Friedrich Schiller maakte er een toneelstuk van, Gioacchino Rossini een opera. Het verhaal werd talloze malen verfilmd, met in de jaren 50 Errol Flynn als titelheld. In Altdorf staat een standbeeld voor de vrijheidsstrijder en in zijn geboorteplaats Bürglen staat het Tell-Museum. Vanuit de boot is een gedenkteken te zien voor Schiller en op de Tellsplatte, de rots waarover Tell aan land zou zijn gevlucht, staat een kloek Tell-kapelletje.
Wilhelm Tell Express Praktisch
Hoe kom je er?
• Vliegen: Amsterdam-Zürich met Swiss vanaf € 185 retour all-in
• Trein: Amsterdam-Basel-Luzern per ICE/ICN in 8 uur, enkeltje vanaf € 72, alleen te koop op grote stations of telefonisch; tel. 0900-9296 (35 cpm)
• Nachttrein: dagelijks één rechtstreekse CityNightLine Amsterdam-Zürich in 12 uur, couchette vanaf € 49 enkele reis
• Van Zürich verder per trein in drie kwartier naar Luzern, enkeltje CHF 23
Wilhelm Tell Express
De Wilhelm Tell Express vertrekt tweemaal daags vanuit Luzern naar Locarno of Lugano en v.v. Een enkele reis eerste klas, inclusief gereserveerde zitplaats en lunch op de boot en in de trein in een panoramawagon, kost CHF 169. Swiss Pass-houders betalen een toeslag; CHF 104 met een tweedeklaspas of CHF 39 met een eersteklaspas. Boeken bij Schiffahrtsgesellschaft Vierwaldstättersee. In Nederland biedt Incento een pakkettrip inclusief heen- en terugreis en overnachtingen va. € 379 p.p.
Budgetvariant
De Wilhelm Tell Express kan alleen eersteklas geboekt worden. Wie geld wil besparen, doet het op eigen houtje voor de halve prijs. Koop dan losse tweedeklaskaartjes; CHF 41 voor de boot van Luzern naar Flüelen, CHF 39 voor de trein van Flüelen naar Locarno, totaal CHF 80.
Aansluitingen
• De boot over het Vierwoudstrekenmeer geeft in Vitznau aansluiting op Europa’s oudste tandradtrein naar de top van die Königin der Berge, de Rigi.
• In Göschenen kan worden overgestapt op het spectaculaire smalspoor van de Matterhorn-Gotthardbahn naar Zermatt.
• Vanuit Locarno boemelt de Centovalli-trein langs ‘honderd valleien’ naar het Italiaanse Domodossola.
• Vanuit Luzern vertrekt ook de Golden Pass naar Montreux met tweemaal overstappen; van smalspoor op normaalspoor op smalspoor.
• In Lugano biedt de postbus naar het Italiaanse Tirano aansluiting op de Bernina Express; een van de schaarse spoorlijnen op de Werelderfgoedlijst.
Hoteltips
• Luzern: Designhotel Radisson Blu met wijnbar, restaurant, spa en witte kamers, staat handig naast trein- en bootstation. 2pk va. CHF 230.
• Locarno: Hotel Garni Millenium is een driesterrenhotel van elf kamers in het oude tolhuis aan het Lago Maggiore. 2pk va. CHF 230.
• Lugano: Continental Parkhotel is een historisch luxehotel uit 1872 in een subtropisch park met zwembad een eigen wijngaard, vlakbij het treinstation. 2pk va. CHF 200.
Meer informatie
Zwitserland Toerisme, tel. 00800 100 200 30
Schiffahrtsgesellschaft Vierwaldstättersee, tel. +41 41 367 6767
Luzern Tourismus, Bahnhofstrasse 3, tel. +41 41 227 1717
Locarno Turismo, Via B. Luini 3, tel. +41 91 791 0091
Lugano Turismo, Palazzo Civico, tel. +41 58 866 6600
Oorspronkelijk gepubliceerd in:

Gratis nieuwsbrief
Wil jij mijn reisreportages gratis in je mailbox? Ik stuur je graag eens per kwartaal mijn nieuwsbrief.

error: Het kopiëren van dit artikel is niet toegestaan, sorry!